Ervaringen, die mensen uit heel de wereld, hebben opgedaan, door het Woord van leven in praktijk te brengen:

93 jaar – het leven ten volle beleven

“Ik wil de problemen kennen om deel te kunnen uitmaken van de oplossing”, zei Agatha O’Donnell toen ze 93 jaar werd. Ze somt zeven manieren op om – hoe oud je ook bent – het leven nog ten volle te beleven.

Het is niet gemakkelijk om 93 te zijn. Mijn ogen worden slechter en ik hoor minder goed; de gewrichten verstijven en de spijsvertering functioneert niet goed meer. De wereld gaat steeds sneller en ik word steeds langzamer. Maar ik vond toch zeven manieren om het leven nog ten volle te beleven.

1 Iedere dag iets geven De ruimte die iemand met de jaren inneemt wordt kleiner. Daarom is het een goede gewoonte om iedere dag iets aan iemand te geven. Maar niet alleen voorwerpen. Als ik bedenk wat ik allemaal te geven heb, voel ik me heel rijk: je kunt “dank je” zeggen, of een glimlach geven, een luisterend oor bieden of een bemoediging.

2 Niet afwachten Het maakt heel verdrietig om maar te zitten wachten totdat anderen jou beminnen. Ik heb dus besloten me erin te gooien. Dat betekent soms mensen verdragen die een andere mening hebben, ontmoedigd raken, maar dan opnieuw beginnen. Soms neem ik het initiatief om iemand op te bellen, in plaats van af te wachten dat de anderen mij bellen. Ik zal nooit meer een auto kunnen besturen, maar ik kan altijd de ‘bestuurder’ zijn in de contacten met anderen.

3 Altijd opnieuw beginnen  Misschien denk je dat iemand van 94 de eigen tekorten al heeft overwonnen, maar dat is niet zo. Ik besef dat ik nog altijd dezelfde fouten maak die ik heel mijn leven maakte. Je kunt je makkelijk ontmoedigd raken. Maar ik heb begrepen dat je op elke leeftijd opnieuw kunt beginnen. Deze oefening houd me jong van hart.

4 Beter levend sterven dan als doden te leven Wat mijn lichaam betreft, wordt het met de jaren moeilijker om het evenwicht te vinden. Naar de gymnastiekles gaan, goed eten en het innemen van de medicijnen, dat alles verliest zijn zin als je denkt dat het toch geen nut heeft. Maar je moet jezelf ervan overtuigen dat het wel waarde heeft. Het is beter om levend te sterven dan als doden te leven. Er moet een reden zijn dat ik zolang op deze aarde ben. Dan is het dus beter om mijn deel goed te doen en de datum van mijn vertrek in de handen te leggen van Iemand Anders.

5 Mooi geschapen Door mijn slechte ogen ben ik niet altijd zeker of de kleuren die ik kies goed combineren en dan ben ik geneigd te denken “Ach, wat maakt het ook uit”. Maar dan herinner ik mij dat ik ook met 94 jaar een uitdrukking moet zijn van de schoonheid van God via mijn manier van kleden en de harmonie in mijn kamer. Je goed kleden kan ook een geschenk zijn voor anderen. Het is mooi om een ouder iemand te zien die zich goed presenteert, niet uit ijdelheid maar om zijn waardigheid. Ik raad dus aan om anderen te vragen hoe de dingen staan die je aan hebt, naar de kapper te gaan en je te herinneren dat God jou mooi geschapen heeft!

6 Iedere dag iets nieuws leren Ik voelde me altijd aangetrokken om nieuwe dingen te leren en dat probeer ik nog steeds te doen. Men zegt dat het je brein goed doet. En het helpt bij de gesprekken, die anders alleen maar over het weer gaan. Ik probeer goed te luisteren en overbodige woorden te vermijden. Men zegt dat de wijsheid met de jaren komt. Ik hoop dat dat waar is.

7 Op de hoogde blijven  Zoals ik op mijn 50ste geleerd heb om auto te rijden, zo heb ik nu geleerd om e-mail te gebruiken. Ik wil in contact blijven. Alle dagen kijk ik naar het journaal en dan probeer ik niet verbitterd te raken. Ik wil de problemen kennen om deel te kunnen uitmaken van de oplossing. Mijn bijdrage lijkt misschien onbetekenend tegenover de ‘Goliath’ van het kwaad, maar ik vind dat mijn steentje aan het mozaïek niet mag ontbreken.

 

 

Geslaagd
Terwijl ik zenuwachtig de gang van de universiteit op en neer liep in afwachting van mijn examen, hoorde ik beneden twee medestudenten die een hevige ruzie hadden. Even dacht ik: zal ik naar beneden gaan en hen uit elkaar halen? Maar meteen kwam een bezorgdheid in me op: als ze me nu net op dat moment binnenroepen voor het examen?

Niet dus… Laat anderen dit maar opknappen!

Het geschreeuw werd echter als maar luider. Ik kon mijn naasten toch niet zomaar negeren? Ik rende naar beneden en haalde de twee uit elkaar en probeerde ze tot rust te manen.

Toen ik weer terug kwam op de gang boven, werd ik opgeroepen. Ik kon alle vragen beantwoorden en ik ben geslaagd voor het examen… Maar dat andere ’examen’ is me ook niet slecht af gegaan.

(Antonio – Italië)

 

Afval
Telkens als ik onze buurvrouw ontmoette, hadden we ruzie, want vaak liet ze haar huisvuil voor onze deur liggen. En dit ging al jaren zo, totdat ik van enkele vrienden leerde dat het evangelie ons in feite voorhoudt “als eerste lief te hebben”.

Op een dag was het weer zover: huisvuil vóór onze huisdeur. En ik wist meteen dat dit mijn kans was. Ik nam de bezem en ging naar buiten om het op te vegen, terwijl de buurvrouw stond te kijken en wachtte totdat ik zou reageren. Maar ik heb haar aangekeken, naar haar geglimlacht en haar gevraagd hoe het met haar ging. Ze was stomverbaasd, maar antwoordde, eerst wat ongemakkelijk, toen heel vriendelijk.
Vanaf die dag vegen we ook de stoep voor het huis van de ander en we zijn zelfs vriendinnen geworden.
(R.C.- Colombia)

 

Buiten spelen
In de gemeenschappelijke tuin naast onze flat, spelen altijd veel kinderen uit de wijk. Eén van hen is Robert, een jongen met veel problemen, die vaak op straat zwerft en ruzie maakt met de andere kinderen. We hebben ontdekt, dat zijn ouders weinig tijd voor hem hebben en dat hij zelf wordt begeid door een psychiater.

Op een dag zagen mijn vrouw en ik, dat hij continu ruzie had met de andere kinderen. We zijn naar beneden gegaan en hebben hem uitgenodigd om bij ons thuis te komen. Die middag heeft hij uren met onze kinderen, die jonger zijn dan hij, gespeeld.

De dagen daarna namen onze kinderen hem mee naar huis, als er te veel problemen ontstonden. Een tijdje later hebben we gehoord, dat Robert dit allemaal aan zijn psychiater heeft verteld en dat hij zich veel beter gedraagt; ja zodanig, dat hij bepaalde medicijnen niet meer hoeft in te nemen.
(D. H. – USA)