Woord van Leven – Juni 2019

 
“Wanneer de Heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en van Mij getuigen” (Hand 1, 8).

 

             

 

“Wanneer de Heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en van Mij getuigen”

De Handelingen van de Apostelen, geschreven door de evangelist Lucas, beginnen met een belofte van de Verrezen Heer aan de apostelen voordat Hij definitief terugkeert naar de Vader. Ze zullen van God zelf de nodige kracht ontvangen om in de mensengeschiedenis de verkondiging en de opbouw van zijn Rijk voort te zetten.

Het gaat niet om het aanzetten tot een ‘machtsgreep’, of om het creëren van een politieke of sociale macht tegenover andere machten. Het gaat om de Geest van God die in de diepte werkzaam is en die in de harten wordt ontvangen en mensen nieuw maakt.

Over de apostelen, die samenzijn met Maria, zal de Heilige Geest neerdalen, en vanuit de heilige stad Jeruzalem zullen ze uitgaan om de boodschap van Jezus te verspreiden “tot aan de grenzen van de aarde”.

“Wanneer de Heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en van Mij getuigen.”

De apostelen en met hen alle leerlingen van Jezus zijn uitgenodigd om “getuigen” te zijn.

Iedere christen die door Jezus ontdekt wat het wil zeggen kind van God te zijn, is daarom een gezondene, een missionaris. Onze roeping en onze identiteit van kinderen wordt concreet in deze zending, in het toestappen naar anderen als broers en zusters. We zijn allemaal geroepen om apostelen te zijn die getuigen met hun leven, en indien nodig ook met woorden.

We zijn getuigen wanneer we de levensstijl van Jezus aannemen. Dat wil zeggen wanneer we iedere dag in ons gezin, op ons werk, in onze studie en ontspanning de anderen ontmoeten met een geest van openheid en toenadering, waarbij we in ons hart leven vanuit het plan dat God met ons heeft: de universele broederschap.

Marileen en Silvain vertellen: “Toen wij trouwden wilden we een gezin zijn dat openstond voor iedereen. Een van de eerste ervaringen was in de periode voor Kerstmis. Omdat we niet wilden dat de Kerstwensen aan de oppervlakte bleven, kregen we het idee om onze buren te gaan bezoeken en hen een klein cadeautje te brengen. Ze waren allemaal verrast en blij. Eén gezin was bijzonder blij, omdat zij door anderen werden gemeden. Heel open vertelden ze over hun moeilijkheden en dat er al vele jaren niemand meer bij hen thuis was gekomen. Ons bezoek duurde enkele uren, en we waren getroffen door de blijdschap van die mensen. Door alleen maar open te zijn voor iedereen hebben we veel mensen beter leren kennen. Het was niet altijd gemakkelijk, omdat een onvoorzien bezoek van iemand onze

plannen soms in de war stuurde. Maar we hielden altijd voor ogen dat we die kansen om een band op te bouwen niet mochten verliezen. Op een keer kregen we van iemand een taart, en we besloten om die te delen met een mevrouw die ons had geholpen om kinderspeelgoed te verzamelen voor Brazilië. Ze was blij met die geste en voor ons was het een gelegenheid om haar gezin te leren kennen. Toen we weggingen zei ze: ‘Misschien vind ik ook de moed om andere mensen te gaan opzoeken’.”

“Wanneer de Heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en van Mij getuigen.”

Als christenen hebben we bij ons doopsel allemaal de gave gekregen van de Heilige Geest. Hij spreekt ook tot het geweten van wie oprecht zoeken naar het goede en naar de waarheid. Daarom kunnen we allemaal ruimte creëren voor de Geest van God en ons door Hem laten leiden. Hoe kunnen we Hem herkennen en naar Hem luisteren?

Een gedachte van Chiara Lubich kan ons daarbij helpen: “[…] de Heilige Geest woont in ons als in zijn tempel. Hij verlicht ons en is onze gids. Het is de Geest van waarheid die ons de woorden van Jezus doet begrijpen en die ze levend en actueel maakt. Hij geeft ons liefde voor de wijsheid, geeft ons in wat we moeten zeggen en hoe we de dingen moeten zeggen. Het is de Geest van Liefde die ons het vuur van zijn liefde geeft, die ons in staat stelt om God te beminnen met heel ons hart, heel ons verstand en al onze krachten en om alle mensen te beminnen die we op onze weg tegenkomen. Het is de Geest van sterkte die ons de moed en de kracht geeft om het evangelie te volgen en altijd van de waarheid te getuigen. […]

Met en door deze liefde van God in ons hart kunnen we ver reiken en aan heel veel andere mensen onze eigen ontdekking doorgeven, ‘tot aan de grenzen van de aarde’. Deze ‘grenzen’ hoeven we niet alleen in geografische zin op te vatten. Daarmee worden bijvoorbeeld ook mensen aangeduid die dichtbij zijn maar die nog niet de vreugde hebben gehad om echt het evangelie te leren kennen. Ons getuigenis kan ook hen bereiken. […]

Uit liefde voor Jezus wordt ons gevraagd onszelf ‘één te maken’ met iedereen, onszelf totaal vergetend, totdat de ander, zacht aangeraakt door de liefde van God in ons, zich zal willen ‘één maken’ met ons, in een wederzijdse uitwisseling van hulp, idealen, plannen, genegenheid. Pas dan kunnen we spreken over wat ons bezielt en kan het een geschenk zijn, in de wederkerigheid van de liefde.”

Letizia Magri en de Commissie Woord van Leven